Na 30 keer de 8-weekse MBSR nog steeds nieuwe inzichten, soms klein, soms groot. Deze deel ik graag: Waarom de woorden 'het is oké' de plank soms misslaan in onze mindfulness-beoefening.
Op dit moment doorloop ik als trainer voor de 30e keer het 8-weekse mindfulness programma. Een van de mooie aspecten van het trainerschap is dat er bij iedere ronde wel een of meer kwartjes naar binnenvallen, die ook mijn eigen ervaring, inzichten en beoefening van mindfulness en compassie weer verdiepen. De afgelopen tijd is er voor mij persoonlijk zoiets als een rijksdaalder naar binnen gevallen. Het gaat om de vertaling van de woorden 'it's ok'.
De moderne, westerse mindfulness heeft haar wortels stevig in Amerika staan. Pioniers als Jon Kabat-Zinn ontwikkelden de programma's in het Engels, en wij hebben die terminologie in Nederland vaak een-op-een overgenomen. Daar zit precies de crux. In het Amerikaans-Engels heeft de uitdrukking 'It's okay' een warme, bijna sussende lading. Denk aan een ouder die een kind troost. Het betekent daar vaak: "Je bent oké, je bent geborgen."
In onze nuchtere Nederlandse taal zijn we dit echter heel letterlijk gaan vertalen met 'het is oké.'. In het Nederlands is 'oké' vaak een soort rationeel vinkje, een teken van akkoord of zelfs een beetje een vlakke constatering. Door die letterlijke vertaling zijn we onbedoeld iets van de compassievolle essentie kwijtgeraakt. We spreken ons hoofd aan, vaak zelfs heel rationeel met de woorden: 'het is oké, het is er immers toch al'. We vergeten dan echter dat ons zenuwstelsel eerst geruststelling nodig heeft om die stap überhaupt te kunnen maken.
De rijksdaalder die bij mij viel, is dat we 'it's okay' in de context van zelfcompassie en mindfulness vaak veel beter kunnen vertalen naar: 'het is veilig.' Een verschuiving van goedkeuring naar geborgenheid. Wanneer we weerstand voelen, angst ervaren of vastlopen in zelfkritiek, is ons zenuwstelsel in feite in een staat van alarm. Ons lichaam scant de omgeving op gevaar en schiet in de vecht-of-vluchtmodus. Als we dan tegen onszelf zeggen 'het is oké', proberen we ons brein te overtuigen met een concept. Maar als we zeggen 'het is veilig', spreken we direct de taal van ons zenuwstelsel.
In een eerdere blog schreef ik over 'trouwen met het leven': het volmondig ja-zeggen tegen alles wat zich aandient; willen wat je krijgt. Dat blijft de essentie van mindful leven, maar ik begin ook te ontdekken dat er een fundamentele voorwaarde onder die 'Ja' ligt. Want hoe kun je instemmen met de realiteit als die realiteit onveilig voelt, omdat het ooit niet veilig was? In mijn eigen beoefening kom ik vaak een paar 'steigerende paarden' tegen vanbinnen. Jarenlang legde ik dat uit als innerlijk verzet. Ik dacht dat ik aan het vechten was tegen de realiteit, dat ik simpelweg nog niet hard genoeg 'ja' zei. Maar een paard steigert niet uit koppigheid; een paard steigert uit angst.
Als je hebt geleerd dat de realiteit niet veilig is, of dat het niet veilig is om te voelen wat er in je leeft, dan is 'ja-zeggen' een onmogelijke opgave. Je zenuwstelsel staat in de overlevingsstand. Op zo’n moment is 'het is oké' te mager. Je hebt dan geen toestemming nodig, je hebt geruststelling, een veilige bedding nodig.
We hebben 'it's okay' naar mijn idee dus vaak te letterlijk vertaald, als een cognitieve goedkeuring. Maar in de context van mindfulness en compassie betekent het vaak eerder: 'het is veilig.'
Waarom dit alles verandert?
Door 'it's okay' te benaderen als 'het is veilig', verandert de kleur van de beoefening:
- Geruststelling: We zeggen niet dat de pijn of het verdriet fijn is, maar dat het veilig is om het te voelen. Je zult er niet door verzwolgen worden.
- Bedding voor de angst: Door te erkennen dat het veilig is, creëer je de bedding waarin het steigerende paard weer met vier benen op de grond kan komen staan.
- Zenuwstelsel in rust: 'Veiligheid' is de code die ons brein en zenuwstelsel begrijpen. Het is een uitnodiging om het interne gevecht te staken.
- Compassie in actie: Het verandert iets dwingends: 'ik moet dit oké vinden' in een koestering: 'ik ben hier, met alles wat ik ervaar, en ik ben veilig.'
Ik merk dat deze kleine nuance mijn eigen beoefening verzacht. Bij een lastige meditatie zeg ik niet langer tegen mezelf dat de onrust oké moet zijn, omdat die er toch al is. Ik herinner mezelf eraan dat het veilig is om toe te laten wat er is, dat de ruimte waar ik ben veilig is, dat mijn adem een veilige ankerplaats is, dat ik veilig ben bij mezelf.
Het is een subtiel verschil in woorden, maar een wereld van verschil in ervaring. Het is de stap van begrijpen met je hoofd naar werkelijk ervaren en thuiskomen bij jezelf.
Dus herken jij dat 'steigerende paard' in jezelf? Probeer de volgende keer eens je taal te veranderen. In plaats van te denken 'dit moet ik oké vinden', fluister je jezelf toe: 'ook al vind ik het misschien niet fijn, het is wel veilig om dit nu te voelen.' Wat verandert er als je dat tegen jezelf zegt? Ik ben heel benieuwd naar jouw ervaringen.
Op de hoogte blijven?
Neem contact met ons op
Meer verhaal achter MF









