De vier levensvrienden

Mijn eerste lange retraite is een feit. Zeven etmalen in stilte bij Frits Koster in een boeddhistisch klooster op het wonderschone platteland van Drenthe. Op een steenworp afstand van de plek waar ik ben opgegroeid. Met gemengde gevoelens stap ik naar binnen. Verlangen om even helemaal af te loggen, maar ook een lichte weerstand tegen wat ik in die stilte wellicht zal gaan tegenkomen.


Thema van deze week is ‘de vier levensvrienden’. Vier hartkwaliteiten, ontleend aan het boeddhisme: vriendelijkheid, compassie, medevreugde en gelijkmoedigheid. Je kunt ze beoefenen, net als mindfulness. Vooral de laatste zal blijken een grote vriend te zijn bij wat ik tegenkom in deze lange stilte.


We leven in een doorlopend dagprogramma van 6 uur ‘s morgens tot half 10 ’s avonds. Dit staat in het teken van afwisselend loop- en zitmeditatie, mindful eten en mindful corvee. We worden geacht geen contact te maken met de andere 17 deelnemers en de wereld buiten het klooster. De enige uitwisseling is een kwartiertje per dag met de begeleiding. Af en toe vraag ik me af of mijn stem het nog zal doen.


De eerste dag ervaar ik twijfel: wat valt er nou te leren als er geen blootstelling aan wat dan ook is? Dat duurt niet lang. In de loop van de week kom ik tot de ontdekking dat zo langdurig, open en in stilte mediteren een onverwachte verdieping geeft aan de weg die ik jaren geleden met mindfulness ben ingeslagen. Ik kom op plaatsen waar ik nog niet eerder ben geweest. Langzamerhand ontvouwen zich voor mijn ogen steeds duidelijker mijn eigen patronen. Patronen waarin ik soms zo verstrikt kan raken. Zo ook hier in de stilte. En daar wijzen de vier levensvrienden mij deze week een nieuwe weg. Vanuit vriendelijkheid en compassie echt afstemmen op de vraag: wat zou mij nu behulpzaam kunnen zijn? Vanuit medevreugde dankbaarheid kunnen beoefenen voor alles wat er wel is, in plaats van de camera steeds te richten op waar het knelt. En dan vanuit gelijkmoedigheid, zonder reactiviteit kunnen verblijven daar waar het knelt. Zonder dat het anders hoeft. Vanuit het besef dat lijden inherent is aan mens zijn. Dat dat niet opgelost hoeft te worden. Dat het streven daarnaar een illusie is. Dat ik die ik mag loslaten. Daarin ontmoet ik een innerlijke rust die nieuw voor me is. Niet te worden opgejaagd door het idee dat het anders zou kunnen of moeten zijn. Een diepe acceptatie van dat wat hoort bij mijn levenslot en dat van anderen. Het leven, ons mens zijn voor lief nemen.


Terwijl ik dit schrijf realiseer ik me dat ik dat eigenlijk al lang wist. Al eerder schreef ik een blog met de titel ‘Het is al goed’. Dat is precies wat deze lading dekt. En dat is hoe het gaat met wakker worden uit illusies: het is het herontdekken van dat wat je eigenlijk al wist. Ik las het deze week opnieuw in het Mindfulness Basisboek van Rob Brandsma. Hij schrijft daarin ook over ontwaken. Ik citeer: ‘Het zien van waarheid (…) gaat gepaard met een gevoel van herkenning. Dit is een van de wonderen van opmerkzaamheid: ook al zag je de waarheid niet, je kende hem al wel. Hij was al aanwezig, alleen nog niet bewust. Ik noem dit reeds aanwezige kennen ’diep weten’. Herkenning gaat gepaard met een gevoel van resonantie, van samenvallen. Dit geeft de zoete smaak van ontwaken. Het herkennen valt samen met erkennen, acceptatie, vrede ervaren met het zo-zijn van de ervaring. (…) Het voelt alsof we thuiskomen na een lange reis van afgesneden-zijn.’  (Brandsma R. 2012 p.109-110). Beter kan ik het niet omschrijven: thuisgekomen na een lange reis met vele omzwervingen. En dat in de polder waar ik als kind opgroeide. Ik zal vast nog regelmatig verdwalen in mijn eigen patronen. Maar telkens als ik daaruit wakker word, zal ik de weg naar huis weten te vinden. Dat is de rijkdom van mindfulness.


Dankbaar en met gemengde gevoelens stap ik na 7 dagen weer naar buiten. Verlangen naar thuis en naar het echte leven, maar ook een lichte weerstand tegen wat ik daarin ook weer zal gaan tegenkomen.


De vier levensvrienden zal ik zeker ook meenemen in de terugkomsessies van mindfulness. Deze sessies bieden bij uitstek gelegenheid om verdieping te geven aan de beoefening van opmerkzaamheid, zoals je die hebt leren ontwikkelen als je de 8-weekse training hebt gevolgd. Je kunt je voor deze sessie inschrijven via https://www.coachencranio.nl/mindfulness#Agenda.


P.S. Voor alle eerlijkheid nog een kleine ontboezeming: ook de vriendelijkheid naar mezelf heb ik goed weten te beoefenen. Ik heb halverwege de week ‘stiekem’ toch heel even met mijn lief gebeld. Een ervaring waar ik heel bewust van heb genoten. Daarmee sloot het dan wel weer naadloos aan op het programma ;-)

Op de hoogte blijven?

Neem contact met ons op

Meer verhaal achter MF

door Martine Folkersma 21 april 2026
Na 30 keer de 8-weekse MBSR nog steeds nieuwe inzichten, soms klein, soms groot. Deze deel ik graag: Waarom de woorden 'het is oké' de plank soms misslaan in onze mindfulness-beoefening. Op dit moment doorloop ik als trainer voor de 30e keer het 8-weekse mindfulness programma. Een van de mooie aspecten van het trainerschap is dat er bij iedere ronde wel een of meer kwartjes naar binnenvallen, die ook mijn eigen ervaring, inzichten en beoefening van mindfulness en compassie weer verdiepen. De afgelopen tijd is er voor mij persoonlijk zoiets als een rijksdaalder naar binnen gevallen. Het gaat om de vertaling van de woorden 'it's ok'. De moderne, westerse mindfulness heeft haar wortels stevig in Amerika staan. Pioniers als Jon Kabat-Zinn ontwikkelden de programma's in het Engels, en wij hebben die terminologie in Nederland vaak een-op-een overgenomen. Daar zit precies de crux. In het Amerikaans-Engels heeft de uitdrukking 'It's okay' een warme, bijna sussende lading. Denk aan een ouder die een kind troost. Het betekent daar vaak: "Je bent oké, je bent geborgen." In onze nuchtere Nederlandse taal zijn we dit echter heel letterlijk gaan vertalen met 'het is oké.'. In het Nederlands is 'oké' vaak een soort rationeel vinkje, een teken van akkoord of zelfs een beetje een vlakke constatering. Door die letterlijke vertaling zijn we onbedoeld iets van de compassievolle essentie kwijtgeraakt. We spreken ons hoofd aan, vaak zelfs heel rationeel met de woorden: 'het is oké, het is er immers toch al'. We vergeten dan echter dat ons zenuwstelsel eerst geruststelling nodig heeft om die stap überhaupt te kunnen maken. De rijksdaalder die bij mij viel, is dat we 'it's okay' in de context van zelfcompassie en mindfulness vaak veel beter kunnen vertalen naar: 'het is veilig.' Een verschuiving van goedkeuring naar geborgenheid. Wanneer we weerstand voelen, angst ervaren of vastlopen in zelfkritiek, is ons zenuwstelsel in feite in een staat van alarm. Ons lichaam scant de omgeving op gevaar en schiet in de vecht-of-vluchtmodus. Als we dan tegen onszelf zeggen 'het is oké', proberen we ons brein te overtuigen met een concept. Maar als we zeggen 'het is veilig', spreken we direct de taal van ons zenuwstelsel. In een eerdere blog schreef ik over 'trouwen met het leven': het volmondig ja-zeggen tegen alles wat zich aandient; willen wat je krijgt. Dat blijft de essentie van mindful leven, maar ik begin ook te ontdekken dat er een fundamentele voorwaarde onder die 'Ja' ligt. Want hoe kun je instemmen met de realiteit als die realiteit onveilig voelt, omdat het ooit niet veilig was? In mijn eigen beoefening kom ik vaak een paar 'steigerende paarden' tegen vanbinnen. Jarenlang legde ik dat uit als innerlijk verzet. Ik dacht dat ik aan het vechten was tegen de realiteit, dat ik simpelweg nog niet hard genoeg 'ja' zei. Maar een paard steigert niet uit koppigheid; een paard steigert uit angst. Als je hebt geleerd dat de realiteit niet veilig is, of dat het niet veilig is om te voelen wat er in je leeft, dan is 'ja-zeggen' een onmogelijke opgave. Je zenuwstelsel staat in de overlevingsstand. Op zo’n moment is 'het is oké' te mager. Je hebt dan geen toestemming nodig, je hebt geruststelling, een veilige bedding nodig. We hebben 'it's okay' naar mijn idee dus vaak te letterlijk vertaald, als een cognitieve goedkeuring. Maar in de context van mindfulness en compassie betekent het vaak eerder: 'het is veilig.' Waarom dit alles verandert? Door 'it's okay' te benaderen als 'het is veilig', verandert de kleur van de beoefening: Geruststelling: We zeggen niet dat de pijn of het verdriet fijn is, maar dat het veilig is om het te voelen. Je zult er niet door verzwolgen worden. Bedding voor de angst: Door te erkennen dat het veilig is, creëer je de bedding waarin het steigerende paard weer met vier benen op de grond kan komen staan. Zenuwstelsel in rust: 'Veiligheid' is de code die ons brein en zenuwstelsel begrijpen. Het is een uitnodiging om het interne gevecht te staken. Compassie in actie: Het verandert iets dwingends: 'ik moet dit oké vinden' in een koestering: 'ik ben hier, met alles wat ik ervaar, en ik ben veilig.' Ik merk dat deze kleine nuance mijn eigen beoefening verzacht. Bij een lastige meditatie zeg ik niet langer tegen mezelf dat de onrust oké moet zijn, omdat die er toch al is. Ik herinner mezelf eraan dat het veilig is om toe te laten wat er is, dat de ruimte waar ik ben veilig is, dat mijn adem een veilige ankerplaats is, dat ik veilig ben bij mezelf. Het is een subtiel verschil in woorden, maar een wereld van verschil in ervaring. Het is de stap van begrijpen met je hoofd naar werkelijk ervaren en thuiskomen bij jezelf. Dus herken jij dat 'steigerende paard' in jezelf? Probeer de volgende keer eens je taal te veranderen. In plaats van te denken 'dit moet ik oké vinden', fluister je jezelf toe: 'ook al vind ik het misschien niet fijn, het is wel veilig om dit nu te voelen.' Wat verandert er als je dat tegen jezelf zegt? Ik ben heel benieuwd naar jouw ervaringen.
door Martine Folkersma 9 april 2026
Tussen prikkel en respons ligt onze vrijheid 🪷 'Tussen de prikkel en de reactie ligt een ruimte. In die ruimte ligt onze macht om onze reactie te kiezen. In onze reactie ligt onze groei en onze vrijheid.' Deze bekende woorden van Viktor Frankl, Oostenrijks neuroloog en psychiater en holocaust overlever, stonden gisteren centraal tijdens de terugkombijeenkomst voor de mindfulness en compassie groepen in Soest met het thema: 'Vrijheid van Geest'. Een mooie aanloop richting bevrijdingsdag. We hebben samen onderzocht hoe je die 'ruimte' niet alleen begrijpt, maar ook daadwerkelijk kunt bewonen, ook als het stormt in je leven of in je hoofd en je je misschien verre van vrij voelt. We hebben daarvoor onder andere geoefend met de 6R-methode (bron: Dhamma Sukha Meditation Center). Een tool om uit de automatische identificatie te stappen, terug naar de bewuste respons: ✔️ Recognize (Herkennen): Merk op dat je afdwaalt. 'Ah, daar is een gedachte.' ✔️ Release (Loslaten): Laat de inhoud van de gedachte gaan. Laat het daar zijn, maar geef het geen aandacht meer. ✔️ Relax (Ontspannen): Bewust weer ontspannen. Als het lichaam ontspant, kan de geest de identificatie loslaten. ✔️ Re-smile (Glimlachen): Steeds opnieuw een milde glimlach. Wees blij dat je weer 'wakker' bent. Er is niks misgegaan. ✔️ Return (Terugkeren): Breng je aandacht rustig terug naar je object van aandacht in de meditatie of de taak waarmee je bezig was. ✔️ Repeat (Herhalen): Doe dit elke keer opnieuw, met eindeloos geduld.  Vooral stap 4 bleek voor veel deelnemers een behulpzame stap te zijn om zichzelf te bevrijden uit de greep van de identificatie. We eindigden met een mooi gedicht van Dan Fahey: ‘De Lucht’ Ik ben niet de wolken die voorbijdrijven, Ik ben de lucht waarin ze verschijnen. Ik ben niet de gedachten die stormen, Ik ben de stilte die ze hoort. Ik ben niet de pijn die klopt, Ik ben de ruimte die de pijn omarmt. In dat weten ligt mijn rust, In dat zien ligt mijn bevrijding. Dank aan de groep voor de toewijding om telkens weer terug te komen, ervaringen met elkaar te blijven delen, opnieuw geïnspireerd te raken en daarmee elkaars oefening levend te houden. Dankbaar werk om dit te faciliteren 🙏
door Martine Folkersma 2 april 2026
Rond de jaarwisseling las ik een dichtregel van Niels Zwakhals, die me diep raakte en sindsdien met me meereist: ´Als ik wil wat ik krijg, dan krijg ik altijd wat ik wil.´ Ik weet niet of het de letterlijke tekst is, want de zin is met me meegereisd naar Zuid-Spanje, waar ik de bundel niet bij de hand heb. En vanmorgen was die regel daar zomaar weer even heel dichtbij, op het moment van deze foto, die mijn dochter van me maakte. Een moment van diep geluk omdat ik die ervaring met haar kon delen, en tegelijkertijd het voelen van de andere kant van de medaille: het gemis waarmee ik leef doordat ze daar woont, ver weg, waardoor die momenten van samen ervaren schaars zijn. Een worsteling met de realiteit. In mijn werk word ik dagelijks geconfronteerd met onze menselijke worsteling met de werkelijkheid. We willen vaak zo graag dat dingen anders zijn dan ze zijn. Maar deze dichtregel draait het om. Het is de ultieme verwoording van mindfulness en radicale acceptatie: willen wat je krijgt. Jon Kabat-Zinn, de grondlegger van de mindfulness, spreekt over het omarmen van ‘de hele catastrofe’. Dat betekent instemmen met het leven in zijn totaliteit. Niet alleen de krenten uit de pap, maar het hele pakket. Onvoorwaardelijk. Het is als trouwen met het leven: ´Ja ik wil.´ Letterlijk: tot de dood ons scheidt. In goede én in slechte tijden. Het betekent dat ik ook ja zeg tegen de moeilijkheden en tegen de mensen met wie ik dit leven deel of heb gedeeld, en de lessen die ik daardoor (soms tegen wil en dank) mag en mocht leren. Mijn eerste IoPT opstelling, inmiddels alweer jaren geleden, was met de woorden: ´Ik wil leven.´ Ik bedoelde eigenlijk: ik wil nu eindelijk wel eens een leven zonder zwaarte en worstelingen. Ik wilde eigenlijk leven in Lalaland, alleen de leuke kant van de medaille. Ik vond dat ik mijn portie wel gehad had. Ik had nog veel te leren. Ik was mijn leven nog aan het lijden. Het boeddhisme kent de parabel van de twee pijlen. De eerste pijl schiet het leven op ons af, is het noodlot: de pijn of de pech die ons overkomt. De tweede pijl schieten we zelf op ons af, is onze weerstand daartegen; het verhaal dat we onszelf vertellen over hoe onrechtvaardig het is. Het recept voor lijden volgens de formule: Lijden = Pijn x Weerstand. Maar als we de weerstand kunnen laten varen, blijft alleen de pijn over, hoeven we er niet meer onder te lijden. Dit is waar gelijkmoedigheid ontstaat, die kalme levenshouding ongeacht de omstandigheden. Niet door gevoelloos te worden, maar door zo onvoorwaardelijk van het leven te houden, dat je bereid bent te ontvangen wat er op je pad komt, het mooie en het moeilijke. Dat laatste wordt dan de schone pijn die we kunnen doorvoelen, waardoor we kunnen helen en groeien, in contact met onze eigen stevigheid. De stevigheid van de berg, waarop ik vanochtend deze inzichten mocht doorleven.